
Orthomoleculair therapeut Maike
Gewichtsregulatie
Afvallen gaat vaak verder dan minder eten of meer bewegen. Het lichaam wordt gestuurd door complexe systemen van hormonen, het immuunsysteem, darmmicrobioom en het zenuwstelsel. Een verstoord evenwicht in deze systemen maakt het lichaam minder responsief op afslankpogingen en kan leiden tot gewichtstoename, ondanks gezonde inspanningen.
Waarom is afvallen zo moeilijk?
Te weinig eten of crashdiëten vertraagt de verbranding
Wanneer je langdurig te weinig calorieën binnenkrijgt, schakelt het lichaam over op een ‘spaarstand’. De stofwisseling vertraagt, het lichaam gaat efficiënter om met energie en vetverbranding komt op een lager pitje te staan. Dit maakt het moeilijker om op de lange termijn gewicht te verliezen.
Hormonale disbalans
Bij overgewicht worden cellen ongevoeliger voor insuline, wat resulteert in meer aanmaak van insuline (hyperinsulinemie): minder vetafbraak voor energie en verhoogde vetopslag. Een chronisch hoge insulinespiegel in de bloedbaan, heeft ook invloed op de werking van andere belangrijke hormonen.
- Leptine, geproduceerd door vetcellen, geeft signalen af aan de hersenen: er is genoeg vet opgeslagen, je kunt minder eten en meer energie verbranden
- Ghreline, het hongerhormoon, hoort tijdens een maaltijd te dalen
Gevolg: verhoogde eetlust, verminderde verzadiging, en minder motivatie om te bewegen.
Hyperinsulinemie is een voorbode van insulineresistentie, dat weer een voorloper is van diabetes type II.
Chronische laaggradige ontstekingen
Een voortdurend geactiveerd immuunsysteem – vaak zonder duidelijke infectie – kan het gevolg zijn van bijvoorbeeld een ongezonde leefstijl, darmproblemen of ontstoken vetcellen. Deze ontstekingen beïnvloeden het gewicht op meerdere manieren:
- Verstoort de insulinegevoeligheid, dit veroorzaakt meer glucose in de bloedbaan, dus hogere insulineproductie wat leidt tot meer vetopslag
- Remt de werking van de schildklier, waardoor je verbranding en energie daalt
- Activeert ontstekingsroutes in de hersenen en veroorzaakt signaalverstoring in het regelcentrum van honger en verzadiging
- Stimuleert spierafbraak, wat je ruststofwisseling verlaagt en je krijgt minder zin in bewegen
- Ongezonde voeding en stress vergroot de hoeveelheid ontstekingen in de darmen. Gevolg: verlaagd metabolisme en bijhorende klachten zoals vermoeidheid en gewichtstoename/moeizaam afvallen
De rol van de darmen
Een gezond darmmicrobioom is essentieel voor gewichtsbeheersing. Goede bacteriën produceren o.a. verzadigingshormonen, bevorderen de vetverbranding, verminderen ontstekingen en dragen bij aan een gebalanceerd immuunsysteem.
- Mensen met overgewicht hebben vaak een tekort aan de bacterie Akkermansia muciniphila, belangrijk voor vetmetabolisme, ontstekingsremming en gewichtsregulatie.
- Door slechte vertering en/of dysbiose (buikproblemen) in de darm gaat voeding sneller rotten en gisten wat verhoogde ontsteking in de darm veroorzaakt
- GLP-1 hormonen worden in de darm geproduceerd. Dit wordt vrijgegeven als reactie op voedselinname en vertraagt de maaglediging (verzadiging), remt de eetlust en stimuleert insulineproductie (medicatie zoals ozempic/semaglutide stimuleert de GLP-1 productie) Met gezonde darmen kun je optimaal gebruik maken van je eigen GLP-1 productie
Trage schildklier: vertraagde verbranding
Een vertraagde schildklierwerking (hypothyreoïdie) zorgt voor een lagere basale stofwisseling. Dit betekent dat je lichaam in rust minder calorieën verbrandt, wat het moeilijk maakt om gewicht te verliezen. Ontstekingen, stress, tekorten aan bouwstoffen en auto-immuunreacties kunnen hieraan bijdragen.
Endorfine resistentie
Je beschikt over een: stress-systeem (stress/ontspanning) en beloningsysteem (beloning/anti-beloning) die aan elkaar gekoppeld zijn. Het beloningssysteem is een circuit in de hersenen dat ons motiveert om informatie te verwerken en tot actie over te gaan. Het is ook zo geprogrammeerd dat we leuke ervaringen willen herhalen en negatieve graag vermijden.
Elke keer als dit beloningsysteem geactiveerd wordt, door stress of het inzetten van troostvoeding, medicatie, alcohol, tabak of andere verslavingen komen er geluksstoffen vrij. Een overbelast beloningssysteem (endorfine resistentie) maakt het lichaam gevoeliger voor stress, vermoeidheid, verslavingsgedrag en gewichtstoename. Ook het endocannabinoïde systeem (ECS), dat een sleutelrol speelt in onder andere vetopslag, glucose- en insulinemetabolisme, eetlust, stemming en celherstel, raakt hierbij vaak uit balans.
Chronische stress
Bij chronische stress blijft de stress-as in het lichaam actief, deze as regelt hoe je lichaam omgaat met stress, maar beïnvloedt óók je stofwisseling, eetlust en vetverbranding. Bij langdurige stress maakt je lichaam continu cortisol aan. Dit hormoon helpt je te overleven in tijden van gevaar, maar heeft een aantal vervelende effecten als het te lang actief blijft:
- Vetopslag op de buik: en vooral rond de organen (visceraal vet).
- Insulineresistentie: bloedsuikerspiegel stijgt, wat de vetverbranding belemmert
- Verhoogde eetlust: vet, zout en suiker
- Spierafbraak: lagere ruststofwisseling
- Stress verstoort vaak je slaap en dat werkt door op je hormonen: Ghreline stijgt- dus meer honger, leptine daalt- dus minder snel verzadigt. Slecht slapen betekent ook minder energie overdag, beweging en de juiste keuzes maken wordt moeilijker
- “Spaarstand”: vet wordt vastgehouden
- Beïnvloedt het deel van je hersenen dat verantwoordelijk is voor impulscontrole en planning
Wat kan Orthomoleculaire therapie betekenen voor gewicht reductie?
Orthomoleculaire therapie kijkt naar onderliggende oorzaken en richt zich op het herstellen van deze systemen door middel van gerichte voeding, leefstijlaanpassingen, ondersteunende kruiden en supplementen. Het doel is om het lichaam op natuurlijke wijze terug in balans te brengen en duurzame gewichtsregulatie mogelijk te maken.
De therapie ondersteunt bij:
- Regulatie van de glucose- en insulinehuishouding
- Verbetering van de darmfunctie en het microbioom
- Vermindering van laaggradige ontstekingen
- Afbouw van Exorfine resistentie (zoals bij gluten, caseïne en andere opiaatachtige voedingstoffen of “troostproducten”)